Is er nog een koekje over?

Computer-cookies zullen deze vrouw uit het pre-digitale tijdperk waarschijnlijk worst wezen, maar de ongetwijfeld lekkere Bretonse patisserie in het blik heeft zo te zien haar volle aandacht. Dat uiteraard met de oerdegelijke (kunst)lederen handtas als trouwe metgezellin uit diefstalpreventie binnen handbereik.

En zeker, ik weet dat haar mutsje eigenlijk helemaal op de foto behoort te staan, maar ik vind het een te smakelijk ouderwets beeld om dat zomaar ongezien op de digitale plank te laten verstoffen.

Hoger en hoger...

“Je kunt hoog of laag springen, maar je krijgt je zin toch niet.” Dat zei mijn moeder altijd wanneer ik als jochie weer iets wilde wat buiten de huishoudelijke begroting of het spectrum van reële mogelijkheden lag.

De afgelopen dagen wilde ik ook iets voor elkaar krijgen wat kennelijk een onmogelijkheid is geworden: simpel een bijdrage met anderen op Facebook delen. Met daarbij uiteraard een plaatje. De tekst wil nog wel doorkomen maar een in het oog springende illustratie kan ik sinds een week gevoeglijk op mijn buik schrijven.

Na twee dagen klooien tot en met het voorzichtig uitkleden van de WordPress database toe – op die manier wordt er tenminste nog ergens ouderwets gestript – heb ik het maar opgegeven. De plaatjes komen jullie dus maar hier op mijn duistere webkrocht bekijken.

Ik hoop dat iemand met veel ICT expertise nog een lumineus idee heeft om dit (luxe) deelprobleem op te lossen, maar ik heb er inmiddels een hard hoofd in gekregen.

Misschien is het maar beter dat ik in de loop van deze mooie lenteachtige dag naar mijn buren loop. Even lekker een uurtje baldadig stuiteren op de trampoline van hun kinderen om me zo van dit soort (on)zinnige kopzorgen te bevrijden zodat ik straks niet uit irritatie of zelfs frustratie uit mijn vel ga springen.

In diepe gedachten verzonken...
...kijkt zij peinzend naar de overkant

En gansch het raderwerk valt stil

Draadverbinding

Is het een witte reddingslijn uit de hemel gezonden of heeft een sardonische Almacht besloten om dit kind met haar moeder nog voor veertig dagen aan het lijntje te houden?

Ruwe bolster met een blanke pit?

Als ik dit ruig ogend heerschap in Pontrieux bij nacht en ontij was tegengekomen zou ik wellicht voor de zekerheid een blokje omgelopen hebben. Voor zover dat in het plaatsje mogelijk is uiteraard.

Misschien bedriegt ook deze keer de schijn en is de man een vredestichter pur sang die bij de frequente ruzies tussen de plaatselijke bakker en slager – twee gerenommeerde en gelauwerde ego’s; een vanwege zijn superbe croissants en de ander vanwege zijn bekroonde paté en zijn gave om het Bretonse weer te kunnen voorspellen – tussenbeide springt en daarbij zelf de meeste builen en schrammen oploopt.

Maar hij kan natuurlijk net zo goed een zachtmoedig filosoof zijn die bij een glas lokale appelwijn vredig contempleert over emoties en gevoelens als liefde en haat en waar en waarom kwalijke zaken als naijver, rancune en zwart-wit denkerij in de menselijke geest wortelen.

Ook als ik terugga naar Pontrieux zal ik naar verwachting niet te weten komen wie hij is en wat hij doet. Toen ik hem een paar maanden geleden zag sprak hij namelijk geen woord, zelfs niet met de mensen waarmee hij aan tafel zat en met wie hij brood, water en wijn deelde. Het lijkt me daarom onwaarschijnlijk dat hij tegen mij, als buitenstaander met een camera in de hand, wel openheid van zaken zou hebben gegeven.

En misschien is dat maar goed ook, want wat niet weet wat niet deert. Intrigerend blijft deze ruwe bolster met of zonder blanke pit echter wel. Maar dat geldt wel voor meer zaken die ik soms dagelijks zie gebeuren en waarvan ik me afvraag waarom men tussen zwart en wit de genuanceerde grijstinten niet meer kan of wil zien.

Maar als het dan echt niet anders kan is het beter het zwart gewoon het zwart te laten. En het wit wit. Laisser faire scheelt namelijk vaak een hoop grijze haren.

Bootsman zittend aan de kade van de rivier de Trieux

Tijdens mijn vakantie in Bretagne heb ik, als het zo uitkwam, foto’s gemaakt van de lokale bevolking. Toen ik vandaag mijn archief aan het doorspitten was op zoek naar een aardige foto voor een blogje viel het me op dat een aantal van die foto’s zich leent voor een zwartwit weergave.

Mischien is het een vorm van nostalgie, misschien ligt het aan een onbewust verzet tegen de toekomst of is het een andere afwijking, maar ik ben al jaren bijzonder gecharmeerd van zwartwit fotografie. Ik geniet dan ook met volle teugen als ik ergens weer een fijne monochrome plaat zie.

Aangezien op het VKblog fotoseries een beetje in zwang beginnen te raken wil ik niet achterblijven. Ik zal af en toe een foto plaatsen van een rasechte Breizh met een, zoals dat in jargon heet, markante kop of in een pose zonder dat men daar overigens voor geposeerd heeft.

De foto’s zijn uiteraard in monochroom waarin de vele grijstinten tussen het zwart en wit hopelijk toch enigszins tot jullie kleurrijke verbeelding zullen spreken.

Franse palfrenier met Zweeds paspoort kijkt naar de weg terwijl haar passagiers naar rechts wegkijken

Foto genomen tegen het vallen van de schemering

Wat betreft de benodigde fotografische techniek is het maken van een foto van een tandheugel van een sluisdeur makkelijker dan bijvoorbeeld van een vliegende zwaluw. Maar ieder voordeel heeft zijn nadeel, want voor een mooie compositie komt er bij zo’n statisch onderwerp juist veel meer kijken.

Twee pogingen, waarbij de eerste foto is genomen tijdens het vallen van de schemering en de tweede op een zonnige namiddag. De onderste foto staat in wezen los van de twee compositorische experimenten maar laat zien met wat voor draaimechaniek men de ijzeren getande stang, waar aan de onderzijde een sluisdeur aan bevestigd is, naar boven of beneden kan worden bewogen.

Dezelfde stang geschoten op een zonnige namiddag
Tandheugel mechaniek om de sluisdeur te openen of te sluiten

Säkerhets tändstickor

Niet altijd gehinderd door kennis van zaken kan een doorsnee blogger zo een paar vliegende kolibrietjes fotograferen in zijn of haar achtertuin. Nu kan men daar altijd wel een mening over hebben, maar het blijft een feit dat Meneer Opinie,  ongetwijfeld lieftallig geassisteerd door Mevrouw Opinie die als fotografencaddie voor de gebruikelijke attributen mocht zorgen, een paar fraaie platen heeft weten te schieten.

Als mijn broertje die foto’s ziet zal dat bij hem zeer waarschijnlijk een traumatische herinnering oproepen aan zijn vakantie in Zuid-Amerika waar hij gedurende enkele weken tevergeefs heeft geprobeerd om een van die ontiegelijk wapperende klotevogels – excuus, dit zijn letterlijk zijn geëmotioneerde woorden –  digitaal probeerde neer te halen.

Misschien had mijn broer thuis eerst moeten gaan oefenen op een zwaluw op een luciferdoosje. Als fotograaf hoef je dan geen schwalbe te maken om zo’n simpel schot voor open doel te mogen verzilveren. Mij lukte het in elk geval met gemak. Wat echter minder eenvoudig gaat is een vliegende zwaluw in het echt te schieten en wel zodanig dat zo’n vliegensvlug vogeltje meer voorstelt dan een donker 10x15px onscherp vlekje in het zwerk.

In Bretagne heb ik het uiteindelijk één keer min of meer voor elkaar gekregen zoals je hieronder kunt zien. Net zoals dat het geval is met Meneer Opinie’s kolibrietjes is ook deze foto van een over het maailveld scherende zwaluw een stevige crop. En niet gehinderd door enige kennis van zaken zoals vogelvliegbewegingen in het algemeen – en die van zwaluwen in het bijzonder – heb ik toen proberen mee te bewegen met de camera met daarop het 70-200mm glaswerk.

Over de scherpte van de foto kunnen de meningen verdeeld zijn, maar toch vind ik het wel aardig om meer te laten zien dan een zwartwitte zwaluw afgedrukt op een klassiek ogend doosje säkerhets tändstickor boven het maaiveld van mijn bureau.

Zwaluwtje scherend boven het maaiveld

Zoon die aan de rand van een vijver staat

Naar aanleiding van de suggesties gedaan door Svara, StadsfotograafVelsen en Vogel-vrij – waarvoor mijn dank –  heb ik de foto die hier eerst stond 180 graden gedraaid en daarvan een crop gemaakt. Het  meer aansprekende resultaat zie je hierboven. Als je op de afbeelding klikt krijg je de oorspronkelijke foto te zien.

Uit naam van wie?

Hoeveel doden zullen er in de loop der tijd gevallen zijn voor hem? Of uit naam van een van de andere goden die volgens de volgelingen de enige Ware is die het knechten en vermoorden van andersdenkenden rechtvaardigt?

Het was een gedachte die bij me opkwam toen ik in de Cathédrale Saint Pugdual in Treguier onderstaande marmeren plaquette zag waarin de namen gegraveerd staan van soldaten die zijn omgekomen tijdens de Eerste Wereldoorlog. Gevallen voor God en Vaderland zoals men dat vergoelijkend noemt. 

Of zou het zo zijn dat deze mannen en vrouwen gestorven zijn voor kapitaal, macht, ideologie en geloof? Wat het antwoord ook is, voor de gesneuvelden van de oorlog uit 1914 – 1918 en talloze andere vermoorden in de menselijke geschiedenis resteert hooguit een kruis van eer of een naam gebeiteld in koud steen.

Misschien was het rechtvaardiger geweest als de namen van alle meedogenloze kapitalisten, machtsgeile heersers, fundamentalistische ideologen en religieuzen, die uit naam van het Goede dood en verderf zaaien onder de anderen, op die plaat donkergrijs marmer zouden hebben gestaan.

Plaquette met namen van gesneuvelden in de oorlogsperiode 1914-1918