Noordvrouwen

Wij woonden al hier en verkeerden met de goden lang voordat de mannen kwamen. Wij leefden met het land, op het ritme van de seizoenen. Het ritme van de Moeder stroomde door ons bloed: van moeder naar dochter, van grootmoeder naar kleindochter. In cirkels gingen wij rond en plantten en oogsten op de tijd die de Moeder daarvoor gegeven had, gewiegd door haar ademhaling:

in ….. uit.

Wij vierden de Jaarfeesten samen met de goden. De belangrijkste was Freija, onze zustermoeder. Alle feesten waren aan haar gewijd, maar eenmaal per jaar kwam zij tot ons in de gedaante van Freijr, haar tweelingbroer, omdat hij de attributen bezat die nodig waren om het zaad te zaaien. De uitverkoren vrouwen schonken daarna op hun tijd het leven aan nieuwe dochters, kinderen met hemelogen en haar zo goud als engelenstof. En zo had het eeuwig door kunnen gaan,

in ….. uit, als niet…

Als niet op een dag de mannen waren gekomen. Zij zwierven ver vanuit het zuiden achter hun prooidieren aan: de statige oeros, het flitsvoetige hert, de wilde ever en de massieve mammoet. Wij zaten in cirkels en wanden het graan dat wij verzameld hadden. In onze ronde, geweven manden gooiden wij het hoog op en zongen erbij om het ritme vast te houden. Op het moment dat één van ons haar mand hoog in de lucht hief schoot er en pijl vanuit het niets tevoorschijn en bleef trillend steken in de geweven bodem. Het rechte had het ronde doorboord.

Wij hielden onze adem in ….

En het niets werd gevuld met donkerharige vuurogige manwezens. Geschrokken bekeken wij elkaar, totdat een jonge vrouw opstond en aarzelend naar de vreemden toeliep. Zij spraken niet onze taal, maar hun blikken spraken boekdelen. Zij bekeken ons vol bewondering en dat voelde goed.

Langzaam bliezen wij onze adem weer uit….

Wij voedden de mannen en verstelden hun kleding. Op hun beurt deelden de mannen met ons hun prooi. Dit hadden wij nooit eerder geproefd: wild, rood vlees druipend van het bloed. Het verwarmde ons hart en benevelde onze zinnen. En zo kwam er een nieuw ritme in ons leven. De mannen gingen op jacht en deelden hun buit, de vrouwen bleven achter en verzorgden het land. En elke avond was er feest. De jonge vrouwen lagen met de mannen en er kwamen kinderen die buiten het seizoen geboren werden. En dat niet alleen, er waren mankinderen bij hen die geboren werden: kleine jongens met donkere haren en vurige ogen en een gulzige mond, die hun moeders met trots vervulden. En ook de mannen waren trots en spraken over ‘mijn zoon’, waar tot nu toe alleen sprake was geweest van ‘onze dochters’. De mannen beschouwden de zonen als hun bezit, tezamen met de bijbehorende moeders. Zij duldden het niet meer als zij met anderen waren, niet met mannen maar ook niet met vrouwen. De vrouwen moesten zich bedekken om niet de lust van de andere mannen op te wekken. Zij moesten hun gouden haren verstoppen om niet meer door de goden herkend te worden. De mannen bouwden muren om hun huis. Waar voorheen de ronde geweven vrouwenhutten stonden verrezen nu harde rechte muren van steen. Om hun bezittingen te beschermen, zeiden de mannen. Om de macht van vrouwen te breken, fluisterden de oude vrouwen.

En weer hielden wij onze adem in …..

Want met bescherming kwam ook de afscherming in ons leven. Wij hadden altijd alles gedeeld: bezittingen, voedsel, kennis. Maar opeens waren er die muren waardoor niets meer van ‘ons’ was. Vrouwen werden afgezonderd waardoor zij niet meer konden delen in de kennis. De cirkel was gebroken en er was geen uitademen meer. En zo had het eeuwen door kunnen gaan,

als niet….

Als niet de oude vrouwen hun kennis hadden bewaard. Want de vrouwen zochten wegen om toch samen te komen. Zij gingen elkaars huizen binnen en vormden een cirkel binnen de muren. Zij namen hun ronde borduurraam mee en vertelden verhalen op het ritme van de tikkende naalden. Sproken en sagen waarin de wijsheid verscholen lag. Spellen en liedjes voor de kinderen op het oeroude ritme:

in, (spin de bocht gaat in) …… uit ….

Ivy

 

NB: Uit onderzoek naar afstammingslijnen is gebleken dat de eerste vrouw (mitochondriale Eva) veel eerder leefde dan de eerste man. En hoewel vermoed wordt dat wij allen uit Afrika afstammen, gold dit verschil ook voor onze streken. In de vrouwelijke lijn stammen we af van vrouwen wier dna overeenkomt met dna dat alleen in het noorden wordt gevonden. De mannelijke lijn vertoont echter opvallende gelijkenissen met het dna in zuidelijke landen. Zie ook:

http://nl.wikipedia.org/wiki/Mitochondriale_Eva

http://www.wetenschap24.nl/nieuws/artikelen/2011/oktober/Vroege-vrouw-was-honkvast.html

http://nl.wikipedia.org/wiki/Y-chromosomale_Adam

 

  eKudos  Nujij
Cultuur & geschiedenis, Fantasie, sprookjes, Mythologie, Verhalen , , , , , ,

een nieuwe lente?

Het geluid kwam van de achterbank: Piep, piep tsjielp tweet PRIIEEETT, terwijl een reclamebord bij het tuincentrum ons minutenlang vertelde dat wij Lentekriebels moesten hebben. Dat was dan ook de enige lente op deze barre tocht, de 3e februari. De sneeuw pakte zich in dikke vlokken samen op de voorruit terwijl wij met een slakkengang huiswaarts kropen.

De kuikens op de achterbank waren het er intussen duidelijk niet mee eens. Twiiiieeeepppp.

Ik was een week eerder als een blok gevallen voor een zijdehoen, de alpaca onder de kippen. Haartjes in plaats van veren en een knuffelgehalte van 100%. Omdat het kippenbestand aardig was uitgedund, en wij vorig jaar rond Pasen eigenlijk al te laat waren voor kuikens ging ik nu eerder op zoek. En vond dus twee kuikens vlak in de buurt. Nietsvermoedend maakte ik de afspraak voor vrijdagmiddag, 4 uur, om de nieuwe huisgenootjes op te halen. Hoe kon ik ook weten dat de enige blizzard van het jaar juist voor die middag gepland stond?

Het plan was om de nieuwelingen kennis te laten maken in de Woon. Maar dat viel tegen. Want de dames stonden onder de veranda en leken niet van zins daar verandering in aan te brengen. Het had flink gesneeuwd, de tuin was egaal wit bedekt met een laag van zeker 5 centimeter en als kippen ergens een hekel aan hebben, dan is het aan sneeuw.

Alleen Contrillibus trekt zich in dat opzicht nergens iets van aan. Toen ik met de mand naar de Woon liep waagde zij dapper de grote oversteek. Nu de andere twee nog. Jammer genoeg is het nooit gelukt ze handtam te krijgen. En erger nog, bleek al snel: hun slagpennen waren alweer aangegroeid.

Terwijl Zoonlief en ik ieder aan een kant probeerden een kip te vangen, koos Ostara het luchtruim. Met een fraaie zwier belandde ze bovenin de bamboe die de afscheiding van de tuin vormt. In een lawine van sneeuw stortte ze weer omlaag. Van schrik nam ook Persephone de vleugels en landde helemaal achterin de tuin.

Lichtelijk aangedaan door deze luchtacrobatiek lieten ze zich na een tijdje toch gewillig het hok in drijven.  De kuikens werden boven losgelaten, de drie dames liepen beneden geagiteerd tokkend rond, af en toe met een scheef kopje naar boven kijkend waar het piepte en scharrelde. Uiteindelijk kozen ze toch eieren voor hun geld en hopten een voor een het trapje op waar ze zich opmaakten voor een koude nacht.

Voorlopig blijven ze allemaal maar binnen, vanwege de kou en om goed aan elkaar te wennen. Persephone en Ostara zijn duidelijk niet gediend van het gepiep. Maar Contrillibus heeft de opvoeding met ferme vlerk ter hand genomen en laat de kleintjes met enige regelmaat alle hoeken van de Woon zien.

Bij wijze van wraak gaan ze dan bovenaan het trapje zitten, samen in de deuropening, zodat er niemand meer door kan.

De naamgeving is nog even een probleem. Op de foto in de advertentie was een wit en een zwart kuiken te zien. Bij ophalen bleken er echter alleen nog twee zwarte kuikens te zijn. Ik hoop dat we ze uit elkaar kunnen houden. Mijn suggestie om ze ‘de Silkies’ te noemen, stuitte op enige weerstand.

Dus heet de achterste, met het bolle kuifje Silky en de voorste is Onyx. En mogen ze nog vele avonturen gaan beleven.

 

  eKudos  Nujij
Nox, Persoonlijk , ,

het onderwijs in de 21e eeuw

Dat was de titel van de lezing georganiseerd door ons scholenbestuur (de Alliantie VO Nijmegen e.o.), die in dit tweede lustrumjaar werd gehouden door niemand minder dan Maarten van Rossem.

In een goedgevulde zaal van de Stadsschouwburg Nijmegen beklom Van Rossem om 15.05 het podium om er, na een ononderbroken spraakwaterval van ruim twee uur, om 17.15 met tegenzin weer vanaf te stappen. Even leek het erop dat hij opnieuw van wal zou steken met een urenlange monoloog in antwoord op een vraag uit de zaal, maar daar stak de bestuursvoorzitter resoluut een stokje voor. Eerdere pogingen om Van Rossem te laten stoppen van zijn kant waren jammerlijk mislukt. Vriendelijk brommend suste de spreker hem, na een zoveelste blik op zijn horloge, met de woorden ‘ja, ja, ik ben er zo’. Om dan zijn betoog te vervolgen met ‘we zijn nu aangeland in 1980’.

We zullen dus helaas nooit weten hoe het onderwijs in de 21e eeuw er in de ogen van rascynicus en allesweter Maarten van Rossem uit ziet. Hoewel?

De rode draad

Toen hij na anderhalf uur beweerde dat er door zijn betoog – in tegenstelling tot veel andere lezingen die hij had meegemaakt – wel degelijk een rode draad liep, barstte de zaal in hartelijk lachen uit. We waren in die anderhalf uur in een soort achtbaan meegenomen langs de verschillende vormen van onderwijs in de verleden tijd en welke rol die in de lange loopbaan van de spreker hadden gespeeld. Maar ik had voorkennis. En dankzij die voorkennis kon ik de rode draad toch ontwaren.

Die voorkennis dankte ik aan mijn echtgenoot en fotograaf Glaswerk. Hij was ruim op tijd in de Schouwburg aanwezig in de hoop een ‘informele’ glimp van de spreker te kunnen opvangen. En dat lukte prima. Want Maarten van Rossem stapte zeer toegankelijk mopperend (‘wat een lelijk gebouw!’, en na een vruchteloze gang naar het buffet ‘nog twintig minuten wachten op koffie!’) de foyer binnen. Kortom, het ijs was meteen gebroken en de informele foto’s werden gemaakt. Toen ik binnenkwam, zaten zij dan ook in geanimeerd gesprek en schoof ik gezellig aan.

Daar kwamen eigenlijk de stokpaardjes van Van Rossem al meteen ter sprake: onderwijs moet niet leuk zijn, kinderen moeten nuttige dingen leren; geen appeltaarten bakken en stripboekjes lezen. Leer ze typen in plaats van surfen. Weg met de profielen, met het nieuwe leren, met de competenties. De enige goede docent is een bevlogen docent.

Onnavolgbaar en niet te stuiten

En dat was dus ook de rode draad in zijn verhaal, dat op het toneel af en toe dreigde te ontsporen en soms wat onnavolgbaar werd doordat docenten in zijn herinnering spontaan van naam veranderden. Misschien deed hij dat expres, om zijn gehoor scherp te houden. En scherp moest je blijven om de tijdsprongen en zijsprongen te kunnen volgen.

Geen moment staat hij stil, geen moment is hij stil. En toen de tijd begon te dringen leek hij er nog een schepje bovenop te doen en volgde het ene na het andere lachsalvo uit de zaal

Uiteindelijk moest hij toch het veld ruimen. De voorzitter sloot de zitting af met ‘we hebben nu nog min drie kwartier voor vragen’, dus zover was het uitgelopen. Niemand durfde een vraag te stellen. Niemand? Ja toch, een dame vroeg of het eigenlijk wel nodig was, al die veranderingen in het onderwijs, omdat de historie zichzelf immers herhaalt? Alles komt weer terug in een soort golfbeweging? Toen had ze Maarten van Rossem meteen weer op een van zijn stokpaarden: historie! De voorzitter kromp zichtbaar in elkaar toen hij breedsprakig antwoord begon te geven. Hoewel, antwoord? Hij begon een geheel nieuw onderwerp en zou daarover nog uren hebben kunnen uitweiden als de voorzitter niet resoluut een flinke bos bloemen in de handen van de spreker had geduwd.

Een geweldige ervaring

Dat was het, een combinatie tussen hoorcollege en conference, waarbij de politiek niet werd gespaard. Wat een spreker is die man!

  eKudos  Nujij
Column, Nijmegen, Persoonlijk , , , ,

ach joh, loop naar de Mookerhei!

Dat wensten wij elkaar als kind toe, als we even helemaal genoeg van elkaar hadden. Het klonk verweg en desolaat genoeg om je ergste-vijand-van-het-moment een geheel onverzorgde enkele voetreis erheen te bezorgen. We kenden niemand die er ooit was geweest noch iemand die er ooit van was teruggekeerd

Een soort Timboektoe-light dus, dat volgens de Donald Duck en diverse films aan de rand van de bekende wereld lag alwaar het vreemdelingenlegioen klaarstond om je in te lijven en waarvandaan ook niemand ooit terugkeerde, behalve natuurlijk de held van het verhaal.

Veel aardrijkskunde- en geschiedenislessen later moest ik tot mijn grote verbazing constateren dat beide plaatsen, hoewel aan de rand van, weldegelijk bestonden. En aangezien ik waarschijnlijk nooit in Timboektoe, aan de rand van de Sahara, terecht zal komen viel de keuze op de Mookerhei, aan de rand van Nederland.

Desolaat was het zeker, toen we na een klein kwartiertje uit de auto stapten. Er was geen mens te zien. Behalve het gieren van de gure januariwind die het dreigend zwerk boven onze hoofden voortjoeg was er niets te horen.

Maar er zijn slechtere plekken om je vijand heen te wensen. Bedankt nog, kinderen uit mijn jeugd. En als iemand ooit nog de behoefte voelt mij weer naar de Mookerhei te wensen, graag. Ik wacht dan wel even tot het wat beter weer is.

Uitzicht over de Maas in het zuiden,

en de hei in het noorden.

Na de hei bezochten we ook het aanpalende Jachtslot met dezelfde naam. Gebouwd in 1903 door de heer van Heumen, die blijkbaar niet op de kleintjes hoefde te letten. Het is een gigantisch gebouw, helemaal in Jugendstil. Op het moment is het in gebruik als hotel en conferentieoord. We mochten er gewoon in en naar hartelust plaatjes schieten.

Jammer genoeg hing er nogal overdadige kerstversiering die totaal niet paste bij de rest van het interieur dus ook hier gaan we nog een keer terug. Temeer omdat we de meeste ruimtes nog niet eens gezien hebben.

De badkamer, met verzonken marmeren bad en glas-in-lood lelies om tegenaan te kijken.

Een verlaten theewagentje in een gang beneden in de toren. Volgens mij mocht ik hier niet komen, het bleek vlak naast de keuken te zijn.

Doorkijkje in het trappenhuis naar het beschilderde plafond.

  eKudos  Nujij
Fotografie, Natuur, Plekjes in Nederland , , , , ,

2012

En zo is het dan 2012 geworden. Het jaar waarover al veel is geschreven; door wijzen en fantasten, door zieners en wetenschappers, recent en al heel lang geleden. Staat ons de ondergang te wachten door een natuurramp of door eigen toedoen? Wacht ons een kosmische gebeurtenis of een spirituele?

Niemand die het weet. De wereld vergaat, of ze vergaat niet. Veranderen zal ze zeker maar dat gebeurt dagelijks. De wereld van vandaag is niet dezelfde als gisteren of vorig jaar. Elke dag vergaat voor iemand de wereld een beetje, door een natuurramp of een oorlog; het verlies van een baan of een geliefde. Maar ook door positieve gebeurtenissen vergaat de wereld die was: met een huwelijk vergaat je vrijgezellenwereld, de geboorte van een kind, een nieuwe baan of een nieuw huis zetten je wereld op zijn kop.

Wat ons ook te wachten staat in 2012, alleen de tijd zal leren of het positief of negatief uitpakt. En pas als we terugkijken op het jaar, op 31 december 2012, zullen we weten of de tranen die op 1 januari door de natuur geplengd werden van vreugde of van verdriet waren.

En omdat alle kleine beetjes helpen, wens ik mijn lezers alle goeds voor 2012!

Ivy

 

 

 

 

 

 

 

  eKudos  Nujij
Fotografie, Natuur, Persoonlijk, Seasons , ,

alpacagek

Wie gaat er nu twee uur in de auto zitten, drie uur in een schemerige hal rondhangen en vervolgens weer diezelfde twee uur terug? En dat alleen maar om een paar alpaca’s te zien? Nou, wij dus.

Na enkele jaren Hapert heeft nu ook het noorden zijn eigen internationale Alpacashow. In Assen was een grote manege afgehuurd, 350 alpaca’s stonden braaf te wachten om geshowd en gekeurd te worden. Hoewel, braaf? Het lijken van die rustige diertjes maar ze kunnen hun begeleiders handenvol werk geven.

Je moet ervan houden. En dat doen wij. De sfeer op zo’n show is geweldig, je ontmoet nieuwe alpacafans maar ook oude bekenden. Heel leuk was het om de eigenaars van mijn eerste wolletjes te ontmoeten, van Belita en Peter. Belita leeft helaas niet meer, maar Peter viel in de prijzen in de categorie zwarte hengstjes. En zijn moeder, Apricot Lady, won een prijs met haar wol, die binnenkort dus door de brievenbus valt.

Je moet ervan houden, alpaca’s. Zeker nadat je onderstaande foto’s hebt gezien.

Deze ken ik al, die heb ik van het voorjaar in Hapert ook geschoten.

Deze heeft een heel aparte kleur, daar wil ik nog een vachtje van.

Het wachten op de jury duurde hem een beetje te lang. Alpaca’s kunnen niet vliegen, maar ze kunnen heel goed landen.

Toen ik vroeg of ik een foto mocht maken, was het antwoord duidelijk…..

Hoe vermoeiend het is, een eerste prijs behalen.

En dit is Peter. Moeilijk, zo’n donker dier in een duistere hal nog een beetje op de foto te krijgen!

 

  eKudos  Nujij
Alpaca's, wol en andere kleuren, Fotografie , , , , ,

Waar komt Sinterklaas vandaan?

Een typisch Hollandse traditie die we ook zeker in ere moeten houden is het vieren van Sinterklaas. Behalve in België en een kleine strook West-Duitsland wordt verder nergens Sinterklaas gevierd op de manier zoals dat bij ons gebeurt. De naamdag van Sint Nicolaas, 6 december, wordt wel gevierd in katholieke landen en met name in Rusland.

De heilige Nicolaas leefde in Klein-Azië, dat toen katholiek was en is waarschijnlijk gestorven op 6 december in het jaar 342 of 352, als bisschop van Myra. Er worden verschillende wonderen aan hem toegeschreven, onder andere het behoeden van vissers voor scheepsrampen. In de katholieke wereld wordt hij dan ook vereerd als patroonheilige van de vissers en de zeelui. Hoe Nicolaas kindervriend werd is weer een ander verhaal. De goedheiligman ontdekte dat drie onschuldige officieren ter dood waren veroordeeld. In een visioen vertoonde hij zich aan keizer Constantijn en beval hun vrijlating. Op iconen wordt Nicolaas vaak vergezeld van drie knaapjes in een toren. In latere verhalen werden dat drie kinderen die waren gepekeld en in stukken gehakt en die door de Sint weer tot leven werden gewekt. Sindsdien is hij ook patroonheilige van de onschuldige kinderen.

Oorspronkelijk werd hij alleen in het oosten van Europa geëerd. In de 13e eeuw werd besloten de naamdag ook in het westen van Europa te vieren.

Uit archiefstukken blijkt dat vanaf 1427 in de Sint Nicolaaskerk te Utrecht schoenen werden gezet op 5 december. Rijke Utrechtenaren legden wat in de schoenen en de opbrengst werd verdeeld onder de armen op 6 december, Sint Nicolaasdag.

Uit de 16e eeuw bestaan beschrijvingen van het zetten van schoentjes in de huiskamer en van Jan Steen bestaan twee schilderijen uit de 17e eeuw waarop te zien is wat rijke kinderen in hun schoen kregen: pepernoten,  speculaaspoppen en speelgoed. Opvallend vaak kregen de jongens bij hem de roe of zout. De oorsprong van het moderne Sinterklaasfeest voor kinderen ligt in de 19e eeuw. De Amsterdamse onderwijzer Jan Schenkman schreef in 1850 een prentenboekje met o.a. de tekst van het liedje ‘zie ginds komt de stoomboot’. Het liedje ‘Zie de maan schijnt door de boomen’ (Jan Pieter Heije) werd voor het eerst gepubliceerd in 1843. In die tijd werd dus ook stoomboot en de afkomst uit Spanje ingevoerd alsmede de aanwezigheid van zwarte Piet en begon Sinterklaas op een schimmel over de daken te rijden en cadeaus door de schoorsteen te werpen.

Een andere verklaring voor de herkomst van de knecht van Sinterklaas ligt in het begin van het christendom: oorspronkelijk is hij een demon die door de heilige gedwongen werd om goede daden te verrichten, of is Piet de overwonnen Odin of zijn helper Nörwi, de zwarte nachtgod die ook een roe droeg, als vruchtbaarheidssymbool. Er zijn nog meer verklaringen. Zo zou de heilige op markt in Myra een Ethiopisch jongetje hebben vrijgekocht dat uit dankbaarheid de rest van zijn leven is gebleven. Het jongetje heette Piter. Of Piet is zwart omdat hij van oorsprong schoorsteenveger is. Hij is niet ‘zwart als roet’ maar ‘zwart van roet’. Zijn kleding grijpt terug op het pagepakje zoals dat aan de adellijke hoven door dienaren werd gedragen in de 16e en 17e eeuw.

Jammer genoeg gaan er tegenwoordig steeds meer stemmen op dat zwarte Piet moet worden afgeschaft omdat hij vooroordelen in de hand zou werken dat zwarte mensen dom, grappig en ondergeschikt zijn. Maar er is niets racistisch aan zwarte Piet en het is een vrolijke noot in donkere dagen.

De oorsprong van de Sinterklaasviering gaat waarschijnlijk nog veel verder terug. De Noordse oppergod Odin reed ook over de daken. Qua uiterlijk kwamen ze ook overeen: Odin had een lange witte baard en een mantel. Odin werd vergezeld door twee zwarte knechten, Hugin en Munin, die in de vorm van raven aan de schoorstenen luisterden en aan Odin vertelden wat er in de huizen gebeurde.

Meer Sinterklaasgebruiken stammen af van Germaanse tradities. Meisjes vroegen tijdens het winterzonnewendefeest om een afbeelding van hun toekomstige geliefde, tegenwoordig krijgen ze die te zien in de vorm van een speculaaspop. Het gooien van cadeaus door de schoorsteen kan afstammen van Germaanse offerplaatsen. Het eten en drinken voor het paard kan worden gezien als offers voor de goden.

Gedurende de donkerste tijd van het jaar werd het Yulefeest (of Joelfeest) gevierd door onze voorouders. Tijdens dit feest staat Odin centraal, de gebaarde god die gehuld in zijn mantel en met een speer in zijn hand over de daken snelt. Zijn kennis en wijsheid zijn onbeperkt. Op onstuimige decembernachten raast hij met zijn achtbenige schimmel Sleipnir over de wolken, voortgestuwd door stormachtige winden. De gebinten kraken, deuren en ramen klapperen en de wind buldert door de schoorsteen. Dierbare krijgers die op het slagveld zijn overleden volgen Odin op zijn jacht naar de wolf Fenrir, die het op de zon heeft gemunt. Lukt het Fenrir de zon te verslinden dan zal eeuwige duisternis over de aarde neerdalen. Maar Odin verjaagt de wolf en is daarmee de redder van het licht en het begin van het Joelfeest.

Sint Nicolaas heeft een groot deel van Odins rol overgenomen: hij heeft een baard, weet alles, rammelt en klopt aan de deuren, heeft een staf in zijn handen en rijdt, gehuld in een wijde mantel, met zijn schimmel over de daken.

Onze voorouders lieten zich niet zomaar overhalen tot het christendom. Domweg de heidense feesten uitbannen ging niet, dus werden de feesten gekerstend. Het Joelfeest werd Kerstmis en Odin werd vervangen door Sinterklaas of Santaclaus.

Het enige raadsel wat overblijft is: waarom komt Sinterklaas uit Spanje? Maar sommige raadsels zijn er om niet opgelost te worden of, zoals Godfried Bomans Sinterklaas in Kopstukken laat zeggen: ‘het zal u in het hiernamaals geopenbaard worden.’

Zoek de verschillen:

Odin                                                    Sinterklaas
Rijdt op een schimmel                         Rijdt op een schimmel
Rijdt over de daken                             Rijdt over de daken
Draagt een wijde mantel                     Draagt een wijde mantel
Houdt een speer in zijn hand              Houdt een staf in zijn hand
Is alwetend                                           Is alwetend
Volgelingen: zwarte raven                  Volgelingen: zwarte pieten
Geeft mensen runenwijsheid              Geeft chocoladeletters
Geeft vruchtbaarheidsgeschenken    Strooit met pepernoten, suikerharten
                                                                 en speculaaspoppen

Dit is een bewerking van een eerder blog dat ik plaatste op 3 december 2008 onder de naam ‘De oorsprong van Sinterklaas’.

Illustraties komen van internet.

  eKudos  Nujij
Cultuur & geschiedenis, Mythologie , , , , , , , , , , ,

mistiek landschap

Eigenlijk waren we op weg naar Utrecht, toen we om 2 uur in de auto stapten. Er hing een lichte nevel in de straat. Toen we langs het Goffertpark reden was het al een flinke mist geworden en toen we een half uur later (normaal een ritje van 10 minuten) aanschoven bij de file voor de snelweg konden we nauwelijks nog een hand voor ogen zien. Omdat we ook al enkele kop-staartjes waren gepasseerd besloten we dat het gekkenwerk was. Zodoende waren we een uur na vertrek weer thuis. Waar nog steeds alleen een lichte nevel hing.

Maar, de combinatie Goffertpark en mist had er aantrekkelijk uitgezien. Dus grepen wij onze camera’s en maakten weer rechtsomkeert om het uurtje daglicht wat nog restte nuttig te besteden.

Hoewel het Goffertpark deels door mensenhanden is aangelegd in de crisisjaren ’30 heeft het iets van zijn oude mystiek bewaard. Van oudsher was hier een krachtplaats waar de Koningsboom nog van getuigt. Eventuele grafheuvels of heiligdommen zijn allang verdwenen maar de sfeer is gebleven. En de mist voegde daar haar eigen sfeer aan toe.

Wandelen jullie mee?

  eKudos  Nujij
Fotografie, Natuur, Nijmegen , , , , , , , ,

blind date

Sinds kort zit ik op internet. Nou nee, natuurlijk doe ik al veel langer ‘iets’ met internet voor mijn werk maar privé had ik er nooit iets mee gehad. Harry wel. De laatste tijd trekt hij zich steeds vaker terug op zijn werkkamer om nog even wat te ‘werken’. Wat hij daar dan doet? Ik heb geen idee maar ik weet wel dat zijn computer al die tijd overuren staat te draaien want ik zie het blauwachtige licht door het bovenraampje, elke keer als ik eindelijk in mijn eentje naar bed ga.

Samen gezellig televisie kijken, wijntje en kaasje erbij en een beetje commentaar leveren op het gebodene is er dus niet meer bij. Ik heb er wel eens wat van gezegd natuurlijk, in het begin, dat hij niet zo ongezellig moest doen maar toen kreeg ik te horen dat het voor zijn werk was dus tja, wat heb ik dan in te brengen?

Maar ik kan je verzekeren dat er niets aan is, zo in je uppie op de bank. Dus daar had ik het een keertje over met Mireille van mijn werk en toen zei ze: ‘joh, meid, weet je wat jij moet doen? Je moet op internet.’ Ik: ‘internet? Wat is daar nou leuk aan?’ En zij weer: ‘daar zijn allerlei leuke praatgroepjes. Daar hoef je de deur niet voor uit of niks. Da’s lekker gezellig en makkelijk en je hoeft geeneens te zeggen wie je bent.’

Dus toen kreeg ik van haar zo’n weeweewee adres naar 4U2. Volgens Mireille was dat echt iets ‘voor ons soort mensen’. Daar verschoot ik wel even van want ik zou mezelf niet graag op één lijn zetten met Mireille, met haar geblondeerde haar en haar nepnagels en haar legging met panterprint. Maar goed, ze hielp me al snel uit de droom: ons soort mensen dat waren 40-plussers die geen zin hadden in een hyves- of een facebookaccount waar iedereen je hele hebben en houwen kan volgen, die geen zin hebben in twitteren of chatten maar gewoon, af en toe, eens een praatje willen maken of aan een verhitte discussie meedoen zonder dat ze naar de kroeg hoeven.

Want dat blijkt het eigenlijk te zijn, een soort virtuele kroeg. Het inloggen is simpel: je geeft jezelf een naam en een gezicht, een avatar heet zo’n ding. Mireille had me aangeraden om niet met mijn eigen naam op internet te gaan zitten (‘Meid, je moet eens weten wat voor strubbels ik met mijn kids heb gehad toen ik dat een keertje deed’), en ook niet iets te uitdagends te nemen (‘nou, dus toen noemde ik mezelf Moppie, maar toen was het hek van de dam.  Gillen man! Net als in een echte kroeg, dat ze in je billen knijpen enzo’).

Mijn kroegervaringen beperken zich gelukkig tot een enkel borreltje met de zaak op vrijdagmiddag aan het eind van een drukke periode maar ik kan me iets voorstellen bij de problemen die je kunt krijgen als je jezelf op internet als Stoeipoes of iets dergelijks etaleert.

Afijn, ik zou dus mijn eerste schreden op het forum 4U2 zetten. Ik had geen idee wat me te wachten zou staan maar Mireille had beloofd mij daar op te wachten. Ze noemde zich daar Moedertheresa, dat leek haar wel veilig. Alsof ik een spannend uitje in het vooruitzicht had werkte ik die maandagavond het avondeten naar binnen, zonder iets te proeven. Harry trok zich gelukkig, naar verwachting, meteen na het eten terug in zijn werkvertrek en ik haalde de laptop die ik van mijn werk had geleend tevoorschijn.

Met klamme vingers typte ik de website in om mezelf voor de eerste keer in te loggen. Van tevoren had ik goed nagedacht over welke naam ik zou aannemen. Niet teveel lijkend op de mijne. Niet te uitdagend. Niet te ordinair maar ook zeker niet te bekakt. Uiteindelijk koos ik voor ‘Anne’. Lekker neutraal, het kon zowel een mannen- als een vrouwennaam zijn. Als avatar liet ik voorlopig de blauwe smiley staan die standaard werd bijgeleverd. En daar stond ik dan, in de digitale deuropening. Op mijn scherm zag ik van alles langsglijden. Zinnetjes, blokjes tekst met foto’s of filmpjes. Een lijst met onderwerpen waar ik uit kon kiezen. Mireille had me voorgesteld om naar het blokje ‘nieuws’ te gaan, daar gebeurde het meest. Daarna kon ik altijd nog uitwijken naar meer specifieke praatgroepjes.

Ik piekerde me suf over een flitsende openingszin. Want daar ontbreekt het mij altijd aan: als ik ergens binnenkom waar al een gezelschap druk in discussie is durf ik niets te zeggen, bang dat ze me in mijn gezicht uitlachen. Maar dat gevaar bestond hier niet. Ik was anoniem, onbekend, ik kon zijn wie ik wilde. Mijn virtuele schouders naar achteren trekkend, een zelfverzekerde grijns op mijn gezicht stortte ik mij in de discussie. Het ging – hoe kon het ook anders – over de euro en Italië.

‘Is het jullie ook opgevallen’, typte ik, ‘dat Berlusconi precies lijkt op Danny Devito in zijn foutste rollen?’

Voordat ik tijd had om van schaamte onder de tafel te kruipen vlogen de vrolijke reacties mij om de oren en in een mum van tijd was ik enthousiast in discussie met een aantal personen over films, Italië en humor. De tijd vloog om. Tot mijn schrik zag ik opeens dat het al bijna elf uur was, de normale tijd dat ik naar bed ging. Snel sloot ik de discussie met de belofte om morgen weer terug te zijn.

‘En?’ vroeg Mireille de volgende dag glunderend. ‘Leuk’, antwoordde ik. ‘Ja, ik zag je wel in discussie met Henk2 en Marlies en Pieterdevrome. Weet je trouwens dat Marlies een man is? Pas maar op, voor je het weet heb je een date.’

Nou is dat het laatste waar ik op uit ben maar ik geef toe, het bleek erg verslavend om op internet voor vol te worden aangezien in diverse discussies, om geprezen te worden om mijn humor en mijn scherpe geest. De commentaren van Harry beperken zich meestal tot hmmm of jaja, als hij achter de krant zit terwijl ik probeerde mijn visie op de een of andere wereldgebeurtenis te geven.

Kortom, met internet ging een nieuwe wereld voor me open. En ik raakte steeds meer in de ban van ene Guustaaf, die in eerste instantie inderdaad dacht dat ik een man was maar die, nadat ik hem uit de droom had geholpen, dagelijks de discussie met mij zocht. Inmiddels hadden we een weinig gebruikt hoekje gevonden waar de discussies over Italiaans eten gingen. Blijkbaar vonden de meesten dat geen interessant onderwerp dus wij konden over van alles en nog wat filosoferen, af en toe zijdelings refererend aan pasta of pommodori.

En nu is onvermijdelijke gebeurd: hij wil me een keer ontmoeten. Enkele vage toespelingen hadden ons al geleerd dat we beiden ‘in de buurt van Nijmegen’ woonden, dus dat maakt een ontmoeting op zich eenvoudig. Alleen, hoe kon ik dat voor elkaar krijgen? Ik ga normaal gesproken nooit alleen de deur uit, zeker niet ‘s avonds. Gelukkig bood Harry een uitweg toen hij van de week op een avond tijdens het eten langs zijn neus weg zei dat hij vrijdag een congres heeft waardoor hij de avond en nacht niet thuis zou doorbrengen. Toevallig net de dag dat Guustaaf had voorgesteld om elkaar te ontmoeten dus meteen na het eten kon ik hem bevestigen dat de afspraak door kon gaan.

Ik zwaai Harry uit, als hij met zijn door mij gepakte koffertje naar de auto loopt en ren naar boven waar ik verwoed mijn klerenkast overhoop begin te gooien. Wat draagt iemand van mijn leeftijd op haar eerste afspraakje? Na een uur ben ik er nog niet uit en de tijd begint te dringen. Tenslotte kies ik voor een simpel zwart jurkje waarvan Harry altijd zegt dat het me tien jaar jonger maakt. Ik heb mijn haar gewassen en geborsteld en besluit het voor deze keer eens niet op te steken maar in wilde krullen om mijn hoofd te laten zwieren. Make-up, dat gebruik ik anders nooit! Ik ben echt een grijze muis geworden. Na veel geëxperimenteer ben ik tevreden over het resultaat. Zelfs mijn eigen man zal me niet herkennen.

Met vlinders in mijn buik stap ik op de fiets en begeef me naar de afgesproken plaats. Het is een eetcafé in het centrum. Ik ben er nog nooit geweest, Harry en ik gaan eigenlijk nooit meer uit. De lichten zijn gedimd, er klinkt zachte muziek. Aan het einde van de zaal zit een man alleen aan een tafeltje. Als ik binnenkom staat hij op. Zijn verwelkomende glimlach bevriest echter op zijn gezicht als ik, wankelend op de hoge hakken waaraan ik niet gewend ben over het hoogpolige tapijt struikel. Ook ik voel mijn glimlach verstarren.

De man die mij staat op te wachten is Harry.

 

  eKudos  Nujij
Verhalen , , ,

elf elf elf

Moeizaam zet hij zich neer aan de rand van de steencirkel, dankbaar dat hij zijn vermoeide voeten even kan laten rusten. Nadat hij zijn staf stevig tussen zijn knieën heeft geklemd, kijkt hij om zich heen. Het is hier nauwelijks veranderd. Alleen de bomen zijn minder kaal, ondanks dat het jaar al oud is.

Als hij zich omdraait naar het lange, kronkelige pad dat achter hem ligt is er nog geen schim van haar te zien, zoals gebruikelijk. Ook zij is oud geworden maar zij laat zich nog altijd onderweg afleiden door een laatste bloem, een dier, een spinnenweb vol dauw. Zij wil nog altijd een laatste keer dansen in de nevel. Maar hij heeft geduld. En hij weet dat zij komt voordat de poort zich weer sluit. Vanavond is hun laatste avond in dit jaar, in dit leven.

Al vele namen heeft hij gehad maar hij proeft toch even met genoegen de naam die hij nu draagt. De ouden zijn hem vergeten, maar de kinderen lopen nog in zijn naam langs de deur te bedelen. En hoewel zij niet weten welk ritueel zij volvoeren houdt het hem toch in leven. En daarmee ook haar.

Repeterend. Het jaar is een cyclus van weerkerende gebeurtenissen. Steeds hetzelfde maar toch telkens nieuw. Elke nieuwe cirkel ligt bovenop de vorige en samen vormen zij de jaarringen van het bestaan. Een bestaan dat wat hem betreft teruggaat tot de dageraad van de wereld. Op de eerste lentedag liep hij over de velden met zijn geliefde aan zijn zij, gekleed in groen. Samen riepen zij de bloemen uit de aarde en deden de bomen groeien. Het werd zomer en herfst. De bloemen droegen zaad en de bomen droegen vruchten. En zij werden ouder en ze werden moe. Toen trokken zij zich terug in de elfenheuvels en andere heilige plaatsen om de winter slapend door te brengen, zodat zij verjongd en fris de nieuwe lente konden begroeten. Gedurende de cyclus droegen zij vele gedaanten: geliefde, moeder, vader, zoon en dochter.

Toen kwamen de mensen en zij gaven namen aan alle dieren en planten. En aan de goden. Zij vertelden verhalen, sproken, sagen en legenden. Verschillende mensen gaven verschillende namen. De Groene Man en de Groene Vrouw werden gevreesd en geëerd, hun namen waren Osiris en Isis, Hades en Demeter, Freyr en Freya. Al naar gelang de beschaving die heerste waren zij goden of demonen, elfen of monsters.

Eeuwen lang werden de rituelen in stand gehouden, soms verborgen en in het geheim, in het heimelijke, het heidense. Vaak open en bloot, hoewel de mensen niet wisten wat ze deden: carnaval en Kerstmis, Pasen en midzomer, feesten van oogst en feesten van slacht; zij maken allemaal deel uit van de cirkel van het jaar. En aan het einde van het jaar moet de oogst binnen zijn, de geestelijke oogst maar ook de voorraad om een lange winter tegemoet te zien.

Nu gaan de kinderen met lampionnen langs de deur en bedelen om lekkers. Zij denken dat het voor hen zelf is, maar het is een oeroud ritueel. En dan ziet hij haar komen, dansend door de avondnevelen. Hij pakt haar hand en samen dalen zij af in de onderwereld om daar de nieuwe lente voor te bereiden.

  eKudos  Nujij
Cultuur & geschiedenis, Fantasie, sprookjes, Goden, doden en mysteries, Mythologie, Verhalen , , , ,