Oct 27

Verzameldrift en opruimwoede

Van mijn vader heb ik de aanleg geërfd om van alles en nog wat te verzamelen. Van mijn moeder heb ik de genetische neiging overgenomen om rigoureus van alles op te ruimen en weg te gooien. Dat heeft nogal eens tot gevolg gehad dat mijn moeizaam opgebouwde verzamelingen onherroepelijk in het zwarte gat van de vergetelheid zijn verdwenen.

Mijn sigarenbandjesverzameling, met gevaar voor eigen leven bijeengerookt door opa, ooms en vader. De suikerzakjes, uit alle uithoeken van Nederland en Europa bijelkaar gesprokkeld door reislustige familieleden en kennissen. In de prullenbak verdwenen.

Mijn verzameling paardenbeeldjes, waar ik al mijn zakgeld en verjaarswensen aan besteedde: weggegooid en weggegeven. Mijn breipatronen en LP’s. Mijn dierenschedels, tot en met de koe die een bevriende zoon van een slager voor mij wist te bemachtigen vóór het klieven van het karkas. Gewoon weggegooid.

Gelukkig heeft mijn vader nog heel wat verzamelingen compleet. Ook hij spaarde dierenschedels en hoewel dus enkele kopstukken ontbreken heeft hij nog een lade vol.

Onze schedelverzameling begon heel simpel. Mijn vader werkte in een laboratorium aan de rand van de duinen. Tussen de middag ging hij altijd buiten lopen en vond op een keer een konijnenschedeltje. Helemaal gaaf en schoon. Later vond hij er meer en nam ze mee naar huis. De mooiste bewaarden we. Ook kwam hij thuis met vogelkoppen. En toen we op een zondagmiddagwandeling een keer een uilenboom ontdekten pulkten we de braakballen net zo lang open tot een compleet muizenschedeltje tevoorschijn kwam.

Op een vakantie in de Achterhoek liepen we een keer tegen schemering langs een smalle sloot. Ik keek in het water en zag een skeletje liggen. We schrokken. In eerste instantie dachten we aan een baby. Met kaplaarzen en al stapte ik het slootje in en wachtte tot de opgekolkte modder weer was gezakt. Voorzichtig zocht ik met een stok de bodem af tot ik op een schedeltje stuitte. Het bleek van een kat te zijn, bijna gaaf. Alleen een paar tandjes en de helft van het neusbotje ontbraken.

Alle schedels kregen een mooi plekje op mijn vaders werkkamer. De verzameling begon echt vorm aan te nemen toen wij op een wandeling in Zuid-Frankrijk een dode vos ontdekten. Gelukkig waren de mieren ons voor geweest. Het skelet was al behoorlijk kaal gevreten en het stonk nauwelijks meer. Met zijn zakmes, altijd bij de hand, scheidde mijn vader de kop van de romp en hing deze op de camping in een boom waar ook veel mieren rondliepen.

Schedel van een vos

Uiteraard tot grote verbazing en onder grote belangstelling van de medekampeerders. Een paar dagen later kwam een man op onze tent afgelopen. Op weg naar het dorp had hij langs de weg een doodgereden das zien liggen. Of mijn vader soms…..

Die liet hem niet eens uitpraten maar sprong meteen in de auto op zoek naar de plek des onheils. Die das was dus wel even iets anders dan de bijna of geheel uit elkaar gevallen skeletten die wij tot nu toe voor onze verzameling gebruikten. Hij stonk en was al verstijfd en hoewel het zakmes scherp was werd het een hele klus om – niet gehinderd door enige kennis van de dassenanatomie – de kop netjes los te krijgen. Tot gruwel van mijn moeder kwamen wij met een plastic zak met stinkende inhoud terug op de camping.

Mijn vader bedacht enthousiast dat hij de kop moest uitkoken. Mijn moeder weigerde haar kookgerei hieraan op te offeren. Wel was ze bereid om een keer ‘iets uit blik’ te eten, zodat mijn vader na afloop het blik kon misbruiken. Tot zolang begroef mijn vader de dassenkop in een mierenhoop.

Na enkele dagen werd de kop weer onder grote publieke belangstelling opgegraven. De mieren hadden hun best gedaan en de schedel verdween in een blik vol water. De lucht zal ik jullie besparen.

Voor het uitkoken moest mijn vader dan ook uitwijken naar de verste uithoek van de camping. Het soepje wat hij die middag heeft getrokken zal de aaseters uit de wijde omgeving hebben doen watertanden. Wij zelf – mijn zus, mijn moeder en ik – bleven ver uit de buurt maar die penetrante lucht heeft nog heel lang in mijn neus gezeten.

Aan het eind van de middag kwam mijn vader triomfantelijk met zijn schoongekookte schedelonderdelen weer te voorschijn. Wat hij met het blik en de inhoud heeft gedaan weet ik niet meer. Begraven misschien?

Dassenkop

Hoe dan ook, de schedelverzameling was uitgebreid met twee mooie en bijzondere exemplaren en de reputatie van mijn vader kon op die camping niet meer kapot.

Afgelopen weekend zag ik ze weer liggen, de schedeltjes, zacht glanzend in het licht van mijn vaders studeerkamer. Want hij moet zo langzamerhand zijn verzamelingen van de hand gaan doen. Mijn moeder wil ze niet hebben en zelf zal hij er niet al te lang meer van kunnen genieten nu het doktersvonnis is geveld.

De verzamelingen zal ik koesteren: zijn mineralen en halfedelstenen, zijn windkanters, zijn prisma’s, zijn oude frutsels en zijn schedels. Zijn eigen schedel zullen we daar maar niet aan toevoegen.

Ivy

PS: beide foto’s zijn afkomstig van internet

24 comments

Skip to comment form

    • Linda on 27 oktober 2008 at 16:29
    • Reply

    Avatar van Linda
    Ik verzamel ook botjes, dus dit is een verhaal naar mijn hart. Ik heb zelfs een ketting gemaakt van slangebotjes: slang zelf gevild en zo. Laat het een waarschuwing zijn aan iedereen die mij wil bijten.

    • peter louter on 27 oktober 2008 at 16:39
    • Reply

    Avatar van peter louter
    Een oplopende verzameling en aflopende zaak bij elkaar gebracht. Mooi gedaan.

    • Mo on 27 oktober 2008 at 16:51
    • Reply

    Avatar van Mo
    Prachtige overdenking geinspireerd door een triest einde. Er blijft je ook niet veel bespaard de laatste tijd Ivy. Sterkte.
    Reactie is geredigeerd

    • Pas&Ivy on 27 oktober 2008 at 16:51
    • Reply

    Avatar van Pas&Ivy
    Linda: botten verzamelen hoort erbij ;-) Zelf een slang villen…. brr. Dat zijn dan toch hele kleine botjes?

    Peter: dank, je vat de essentie.
    (Ivy)

    • Pas&Ivy on 27 oktober 2008 at 16:53
    • Reply

    Avatar van Pas&Ivy
    Mo: dank, hij is er zelf heel laconiek onder.

    (Ivy)

    • Bart on 27 oktober 2008 at 16:56
    • Reply

    Avatar van Bart
    …ik zie ineens zo voor me, dat een hongerige wandelaar langskwam bij de camping, het onbewaakte blik met warme smakelijke (!) inhoud zag staan en dacht, hee, lekker, maaltijdsoep, kom, ik neem een paar hapjes, niemand die het merkt… :~))
    Reactie is geredigeerd

    • Linda on 27 oktober 2008 at 17:03
    • Reply

    Avatar van Linda
    ehm.. het was een vrij grote slang..
    *Ik krijg gelijk zin in een tweede halloweenbijdrage..*
    Reactie is geredigeerd

    • Pas&Ivy on 27 oktober 2008 at 17:41
    • Reply

    Avatar van Pas&Ivy
    Iecchhh, Bart. Het stónk….

    Linda: je had hem toch niet zelf gevangen?
    Oja, Halloween…
    (Ivy)

    • Thera on 27 oktober 2008 at 17:45
    • Reply

    Avatar van Thera
    Goed dat je er nu vast een bijdrage over maakt. Straks ben je misschien te treurig om het erover te hebben? Tenminste dat heb ik met herinnerdingen van en aan mijn moeder.

    Mijn grote broer had ook zo’n verzameling. Hij gaf vroeger tentoonstellingen voor de buurkinderen, die betaalden met papier uit schriften, daar maakte hij weer boekjes van voor ons. En Kylian is ook begonnen met zo’n verzameling… Nou ja.. Kus!

    • Pas&Ivy on 27 oktober 2008 at 17:47
    • Reply

    Avatar van Pas&Ivy
    Thera: we hebben ze nooit tentoongesteld, geloof ik. En als het goed is, leest mijn vader zelf nog mee!
    (Ivy)

    • antoinette duijsters on 27 oktober 2008 at 18:09
    • Reply

    Avatar van antoinette duijsters
    Stenen, mineralen en fossielen prachtig, maar botten en schedels, nooit. Brrr.

    Sterkte aan je vader.

    groetjes
    Reactie is geredigeerd

    • Pas&Ivy on 27 oktober 2008 at 18:18
    • Reply

    Avatar van Pas&Ivy
    Antoinette: toch zijn ze ook mooi! Dank je, ik zal het doorgeven.
    (Ivy)

    • Luke on 27 oktober 2008 at 19:37
    • Reply

    Avatar van Luke
    Laatst nog een dode steenmarter zien liggen, met kop.

    groet Luuk

    • Coby on 27 oktober 2008 at 19:37
    • Reply

    Avatar van Coby
    Heeft je vader een voortdurend verstopte neus of last van een verminderde reukwerking dat hij die geur allemaal wèl kon verdragen? En dan Bart met zijn soepgedachte…ajakkes….
    De beloning zal wel alles hebben verzacht waarschijnlijk. Sterkte voor je vader en voor jullie allemaal.

    Hartelijke groet, Coby

    • antoinette duijsters on 27 oktober 2008 at 19:51
    • Reply

    Avatar van antoinette duijsters
    het zijn niet de schedels, maar het schoonmaken, waar ik niet aan moet denken.Ik ken iemand die verzameld hele skeletten, stopt de dode dieren een tijd in de grond en als het schoon is zet hij het skelet weer in elkaar. Kreeg ik niet voor elkaar, Ben veel te onhandig:-)

    • Pas&Ivy on 27 oktober 2008 at 19:58
    • Reply

    Avatar van Pas&Ivy
    Luuk: Waar???

    Coby: nee, hij ruikt goed maar hij kan zich daar tegen verzetten, zeker als het resultaat de moeite waard is. Dank je!

    Antoinette: als ze schoon zijn is het idd geen probleem, zoals de konijnen en de kat. En skeletten hebben we ons nooit aan gewaagd. Zoonlief zette wel houten dino’s in elkaar, maar dat is weer een heel andere hobby.
    (Ivy)

    • ceesincambodja on 28 oktober 2008 at 03:49
    • Reply

    Avatar van ceesincambodja
    Ivy, ik weet nog een leuk schedeltje voor je. Je moet het wel even een tijdje in de grond laten zitten want nu zit er nog vel een vreemde haardos omheen…

    • Ivy on 28 oktober 2008 at 09:23
    • Reply

    Avatar van Ivy
    Cees: je stelt je toch niet spontaan als schedeldonateur ter beschikking ;-)?

    • Harry C.A.Daudt on 28 oktober 2008 at 09:53
    • Reply

    Avatar van Harry C.A.Daudt
    @IVY…ik (her)ken de tegenstelling tussen beiden;wonen samen onder ‘ons dak’.
    Mijn tweede dochter legde ook een grote belangstelling aan de dag voor ‘bioverschijnselen’: van muizenskeletjes…tot ‘uilenballen’.

    Boeiend expose & foto’s.

    -groetdichterbijgrave-

    • amelie.pardouze on 28 oktober 2008 at 14:50
    • Reply

    Avatar van amelie.pardouze
    Wat een prachtig, tot de verbeelding sprekend en ook wat vies verhaal! Een hele bijzondere combinatie van verzamelen en weggooien ("opruimen") heb je geërfd, evenals die laconiekheid van je vader overigens…gelukkig maar. En voor vader die meeleest; u heeft die andere campinggasten toch maar mooi een onvergetelijke ervaring bezorgd!! ;-D

    • Ivy on 28 oktober 2008 at 15:16
    • Reply

    Avatar van Ivy
    Dichter: de foto’s zijn helaas niet van eigen hand. Verzamelen is altijd leuk.

    Amelie: ;-). Dat weggooien heeft al tot veel spijt geleid. En laconiek? Mwah, misschien wel.

    • ceesincambodja on 29 oktober 2008 at 06:42
    • Reply

    Avatar van ceesincambodja
    Ivy, je weet donders goed wie ik bedoel…

    • Ivy on 29 oktober 2008 at 13:10
    • Reply

    Avatar van Ivy
    Cees: blond en lawaaierig!

    • wout on 21 februari 2012 at 00:00
    • Reply

    goed dat je vermeld dat de foto’s van het internet komen. de foto van de vossenschedel toont een schedel van een hond :-)

Laat een reactie achter bij Pas&Ivy Reactie annuleren

Your email address will not be published.