Jan 05

zwarte kat

Hoewel het jaar pas een paar dagen oud is, heb ik nu al een van mijn goede voornemens overboord gezet. Ik had me nog zó voorgenomen om geen impulsieve aankopen meer te doen. Hoewel, strikt genomen: iets wat je gratis kunt afhalen is natuurlijk geen aankoop, al was het behoorlijk impulsief.
 
Hoe dan ook, de doos staat in de keuken. Ik heb net nog even gekeken, maar ze slaapt nog steeds. Ik heb de doos tussen de design kattenbak en het bakje met gourmetbrokjes en speciale room neergezet. Ik hoop dat ze beiden weet te vinden.
 
Het was vanmiddag puur toeval dat mijn blik viel op het briefje bij de supermarkt: “gratis af te halen. Zwarte poes. Zindelijk en speels”. Er stond geen telefoonnummer bij, alleen een adres. Vlak in de buurt. Dus in een impuls (ja, ja) besloot ik er heen te lopen. Het bleek een smal straatje in een van de oudste delen van de stad te zijn. Hoewel het nog volop daglicht was, was het straatje al in duisternis gehuld. ‘Uitgestorven’, was het woord dat in me op kwam. Er bewoog niets, er scheen geen enkele lichtstraal uit de huizen die licht naar elkaar leken over te hellen. Ook nummer 13 was stil en donker. Maar toen ik aarzelend op de stoep stond, bewoog de vitrage. Dus kon ik niets anders dan aanbellen.
 
Het duurde nog een flinke tijd voordat de deur werd opengedaan door een kromgetrokken oud vrouwtje, dat mij vanonder een bontmanteltje om haar schouders vorsend aankeek. ‘U komt voor de poes?’, vroeg zij. En zonder antwoord af te wachten trok ze mij naar binnen toe. ‘Kom erin, u bent de eerste’. Alsof ik voor een feestje was uitgenodigd en iets te vroeg was gekomen.
 
In de gang was het zo mogelijk nog kouder dan buiten en de stilstaande lucht rook muf: etensgeuren vermengd met die typische oudemensenlucht, en nog iets: iets dierlijks dat me even deed denken aan roofdierenkooien die al lang niet zijn schoongemaakt. Het vrouwtje schuifelde voor me uit en deed de kamerdeur uitnodigend open. Daar was het warm. Té warm zelfs. En om te zeggen dat het er vol stond, zou een understatement zijn. Je kon er haast geen vin verroeren. ‘Ga zitten’, zei het vrouwtje, uitnodigend wuivend naar één van de vele leunstoelen. ‘Durf ik u koffie aan te bieden?’
 
‘Uh, nou, ja, graag’, mompelde ik terwijl ik mij voorzichtig langs de punt van de tafel op een stoel manoeuvreerde. De ruimte was zo krap dat ik mijn benen krampachtig tegen de stoel moest drukken en dan nog voelde ik de rand van de tafel in mijn scheenbeen snijden. Terwijl het vrouwtje in de keuken bezig was, had ik de tijd om om mij heen te kijken. Zware gordijnen van een onbestemde kleur fluweel hingen in dikke plooien voor het raam. De muren waren bedekt met donkere schilderijen en elk stukje vrije muur ertussen was bedekt met fotolijstjes. Overal stonden en lagen porseleinen beeldjes. Sommigen zonder hoofd. Over de leuningen van de banken en stoelen hingen bontkleedjes.
 
Het vrouwtje kwam de kamer weer in met een dienblad waarop twee vliesdunne porseleinen kopjes balanceerden, geflankeerd door een enorme melkkan en een suikerpotje. Ze zette het blad op tafel. Een ranzige geur steeg op uit de melkkan toen ze die oppakte. ‘Dank u, ik drink mijn koffie zwart’, zei ik afwerend. Dat was misschien geen goed idee, want bij de eerste slok bleek de koffie sterk geconcentreerd. Dapper slikte ik ook de volgende slok en kwam terzake. ‘Waarom wilt u de poes wegdoen?’, vroeg ik vriendelijk (naar ik hoopte). Het vrouwtje schrok op van haar kopje, waar ze fanatiek in zat te roeren, en stak van wal. Ik kon haar niet altijd volgen, ze had een merkwaardige manier om zich uit te drukken.
 
‘Mijn man, hij is altijd dol op kat geweest. Maar nu moet deze kat weg, na zijn aanval. Deze kat is dol op mijn man, maar heeft nu haar buikje helemaal vol van hem. En ik, ik heb geen hart voor deze kat.’ Met een dramatisch gebaar klemde ze haar bontstola tegen haar borstkas.
 
‘Dus ik heb nu deze kat een slaappilletje gegeven. Zodat mijn man ook rust heeft. Hij ligt boven, in de kou. Zodat hij nog een tijdje goedblijft. U neemt de kat nu mee, ja? Dan slaapt zij nog lekker een nachtje en kan ze morgen helemaal aan u wennen. U bent ook dol op kat? Pas op dat kat niet al te dol op u wordt, zij houdt van hart.’
 
‘Ah, u heeft haar verwend met lekker vers hart’, knikte ik begrijpend, hoewel ik niet echt veel begreep van haar relaas. Ze keek me een beetje schuins aan, stond toen moeizaam op en liep naar een doos in de hoek van de kamer. Met enige moeite tilde ze de doos op en zette hem op mijn schoot. Er in lag een prachtig glanzende zwarte kat, diep in slaap. Ze droomde, want haar pootjes bewogen. Ze strekte haar nagels en trok ze weer in, daarbij een zacht spinnend geluid voortbrengend.
 
Aangezien niets mij meer in dit vreemde huis hield, vertrok ik al snel, de doos voorzichtig voor me uit dragend. Thuisgekomen zette ik hem in de keuken, waar hij nu nog staat. De kat slaapt.
 
…………….
 
Het is nu een dag later.
Toen ik vanmorgen opstond, was de kat verdwenen. Het keukenraam stond op een heel klein kiertje. Ik had niet gedacht dat zij daar door zou kunnen glippen.
 
Enigszins ontdaan ben ik naar mijn werk gegaan. Ik kon mijn aandacht er moeilijk bij houden, ik moest steeds aan mijn kat denken. Mijn kat? Ik had haar ogen nog niet eens gezien. Toch was ik al aan haar gehecht, aan het idee dat er iemand op me zou zitten wachten als ik thuis kwam.
 
Op de terugweg naar huis nam ik een krant mee. Op pagina 3 vond ik een merkwaardig bericht, dat mij vaag verontrustte.
 
“Onbegrijpelijke doden
Nadat zij door de buren waren gealarmeerd, heeft de politie vanmorgen in een huis in de …straat de ontzielde lichamen van de twee bewoners aangetroffen. In de slaapkamer lag het lichaam van de heer des huizes, in verregaande staat van ontbinding. In de gang onderaan de trap lag zijn vrouw, haar dood was nog niet zo lang geleden ingetreden. Haar kreten hadden de buren gewekt die daarop de politie belden. Een misdrijf wordt niet uitgesloten, over de doodsoorzaak is niets bekend. Maar de huisarts, die ter plekke was, liet zich ontvallen dat van beide lichamen het hart ontbrak en dat beide lichamen ernstig waren verminkt, alsof ze waren bekrast met scherpe messen.”
 
Ik was gisteren nog in die straat geweest. Misschien wel langs dat huis gelopen?
 
Wacht even. Er wordt aan de keukendeur gekrabbeld.
 
Hoe bestaat het! De kat is weer terug. Ze is prachtig! Zo zwart, zo slank. Ik ben nu al dol op deze kat!
 
Ze wil op mijn schoot springen, ze strekt haar nagels al. Waarom zijn die nagels zo rood? En waarom kijkt ze zo strak naar me, precies de plek van mijn hart?
 
Die ogen! Die ogen …….
 
 
 
 

15 comments

Skip to comment form

    • Reine jRagolo on 5 januari 2011 at 23:06
    • Reply

    Avatar van Reine jRagolo
    Houdt de kat wel een flinke tijd binnen want hij woonde in de buurt. Hij moet echt aan je huis wennen.
    Succes ermee.
    Overigens dat verhaal van die verdwenen harten is gewoon bijgeloof. Zoiets hoort gewoon bij een zwarte kat.

    • Bart on 5 januari 2011 at 23:07
    • Reply

    Avatar van Bart
    Je hád het natuurlijk kunnen weten, Ivy…
    Schreef Edgar Allen Poe immers niet ooit al het huiveringwekkende verhaal The black cat … ?

    • Grutte Pier on 6 januari 2011 at 01:21
    • Reply

    Avatar van Grutte Pier
    Cujo: The HellHound
    Voor al Uw Kattenproblemen….

    Hangt op het prikbord van de C1000 hier in de buurt. Idee? (heb het telefoonnummer…)

    • Robert Kruzdlo on 6 januari 2011 at 09:12
    • Reply

    Avatar van Robert Kruzdlo
    Doorzichtige ogen als porselein. Ze heeft het LICHT gezien.

    • Kiezels on 6 januari 2011 at 11:06
    • Reply

    Avatar van Kiezels
    Prima ingrediënten voor een mooi, goed gedoseerd en spannend verhaal!
    Ik lees je veel te weinig, besef ik nu.

    • antoinette duijsters on 6 januari 2011 at 12:23
    • Reply

    Avatar van antoinette duijsters
    Pracht verhaal Ivy, genoten.
    Maar gelukkig hebben jullie een lieve zwarte kater.

    • Heyta (Ivy) on 6 januari 2011 at 12:30
    • Reply

    Avatar van Heyta (Ivy)
    Poepoe, je moet tegenwoordig wel een hoop moeite doen om nog bij je eigen blog te komen ;-))) Er wordt blijkbaar flink onderhoud gepleegd??

    Reine: dank voor je goede raad, ik vrees dat die te laat kwam voor schrijfster dezes ;-))
    Hoewel, als het bijgeloof is, is er dus niets gebeurd.

    Bart: tja, fan van Edgar A. Poe, kan het niet ontkennen……

    Grutte: en ook van Stephen King ja ;-)))

    Wat? Moet ik die hond opbellen? En mijn blafs is al zo roestig.

    Robert: zwarte kat van buiten, licht van binnen.

    Kiezels: dank je, ik schrijf gelukkig niet zo veel dus het is best bij te houden ;-))

    Antoinette: dank. Ja, ik heb hem ook mijn verontschuldigingen aangeboden dat ik zijn foto zo misbruikte ;-))

    • Bart on 6 januari 2011 at 13:08
    • Reply

    Avatar van Bart
    Het is weer ouderwetsch met het VKblog, Ivy, qua storingen en bijbehorende ergernis…misschien nog eens stof voor een eigentijdse horror thriller… ;-)

    • Heyta (Ivy) on 6 januari 2011 at 13:42
    • Reply

    Avatar van Heyta (Ivy)
    Oei Bart, daar zeg je zo wat: the nightmare in the web, wij met zijn allen spartelend in cyberspace (ik typte eerst cyperspace ….;-)), terwijl The Webmaster als een hongerige spin boven ons hangt …….

    • Bart on 6 januari 2011 at 13:52
    • Reply

    Avatar van Bart
    Haha, cyperspace, dat is een mooie, Ivy :-))
    En wij maar hulpeloos spartelen, ja, in dat web…

    • Heyta (Ivy) on 6 januari 2011 at 14:39
    • Reply

    Avatar van Heyta (Ivy)
    Bart: als ik inspiratie krijg …. ;-)

    • lebonton on 6 januari 2011 at 19:35
    • Reply

    Avatar van lebonton
    een kat met led-oogjes.
    gelukkig niet gekocht, anders had het een kat in de zak kunnen zijn.

    • Mo on 6 januari 2011 at 20:11
    • Reply

    Avatar van Mo
    gewoon veel knoflook eten, volgens mij helpt dat!

    • Heyta (Ivy) on 6 januari 2011 at 21:25
    • Reply

    Avatar van Heyta (Ivy)
    Lebonton: ze zat in een doos. Geldt dat ook?

    Mo: goed idee. Ben ik dol op ;-))
    Maar misschien de kat ook?

  1. He? Deze bijdrage staat in de OBA lijst voor 12 februari…..

Geef een reactie

Your email address will not be published.