Nov 06

Heksendans: het einde

(vervolg op Heksendans: het begin)

Uiteindelijk moet dat gelukt zijn, want als ze weer wakker wordt schijnt de zon volop de kamer in en komt Peter net fluitend naar binnen met een dienblad met een dampende kop koffie. ‘Ziezo, slaapkopje. De kinderen zitten beneden te ontbijten en ik dacht dat jij wel een kopje koffie op bed had verdiend. Het is prachtig weer, de vogeltjes fluiten en de konijnen hopsen over het grasveld. Als ik Ben moet geloven dan lopen hier ook regelmatig reeën door de tuin!’

Lydia gaat rechtop zitten en neemt dankbaar de koffie in ontvangst. Peter wil weer terug naar beneden om de kinderen in de gaten te houden. ‘Doe maar rustig aan, we hebben alle tijd om straks nog dozen uit te pakken en de boel op zijn plek te zetten. Misschien kunnen we zelfs wel even een boswandeling gaan maken. Volgens Ben doen de mensen die hier langer wonen dat niet meer, omdat ze zo gewend zijn aan de bomen om hen heen en omdat ze de frisse boslucht niet meer ruiken. Dus we moeten ervan genieten zolang wij nog vers zijn.’ Met een grijns en een zwaai is hij verdwenen.

Genietend drinkt Lydia haar koffie. Dan betrekt haar gezicht. Ze voelt een koude rilling als ze denkt aan de droom van Emma en de opmerkingen van Peter. Waarom gaan de mensen het bos niet in – wie is de groene man -?

Na een warme douche voelt ze zich alweer beter en als ze de keuken in loopt springen de kinderen meteen om haar heen. ‘Gaan we naar het bos mama? Toe, toe, naar het bos waar de kaboutertjes wonen!’ piept Emma en Robin bouwt haar na ‘toe, boutertjes toe…’ Lydia knuffelt ze allebei en kijkt Emma onderzoekend aan. Blijkbaar heeft de boze droom geen sporen nagelaten, want Emma’s ogen stralen.

*

Achter het huis loopt een kronkelig pad het bos in. Al snel zijn ze tussen de hoge bomen en kunnen ze het huis al niet meer zien. ‘Spannend he’, zegt Emma terwijl ze Lydia stevig bij de hand houdt. Peter heeft Robin op zijn schouder gezet zodat hij niet al te moe wordt. Na een tijdje komen ze bij een paar poeltjes die dromerig tussen de hoge bomen liggen. De omgeving is behoorlijk kaalgeslagen zodat de oevers goed toegankelijk zijn. ‘Pas op!’ roept Lydia, als Emma naar beneden huppelt. Peter zet Robin op de grond maar houdt hem wel bij de hand. Emma pakt een tak en probeert die ver in het water te gooien. Er drijven vreemde figuren van stof of stuifmeel op het ondoorzichtige zwarte water. Met een ‘bloep’ verdwijnt de stok half onder water. Robin gaat op zijn hurken zitten en pakt het uiteinde dat nog op de oever ligt met beide handjes vast. Hij trekt en met enige tegenzin komt de stok weer boven water. Het uiteinde wordt tegengehouden door een groene  – hand –  sliert algen. Lydia slaat haar hand voor haar mond en Emma slaakt een gil terwijl ze met grote ogen in een lijkbleek gezichtje naar het slijmerige groen staart. Lydia trekt haar mee, terug naar boven, het bos in. Peter heeft niets in de gaten en sleurt samen met Robin de stok naar de kant zodat de groene slierten in het rond spatten. Dan merkt hij dat Lydia en Emma alweer boven zijn en beklimt met Robin in zijn kielzog de steile helling.

heksendans2011-01

Op de terugweg, als ze alweer bijna thuis zijn struikelt Robin over een boomwortel die – opeens, uit het niets – uit het pad omhoog steekt. Hij valt met zijn hoofd tegen een boom en zet het op een brullen. Vlak boven zijn wenkbrauw zit een snee die behoorlijk bloedt. Emma’s gezichtje wordt mogelijk nog bleker bij die aanblik. Snel tilt Peter Robin op en rent met hem het laatste stuk het bos door. In de keuken maakt hij de wond schoon en plakt er een pleister op. Gelukkig valt het mee en nadat hij een lolly heeft gekregen drogen Robins tranen snel. Ook Emma krijgt een lolly maar haar ogen staan hol in een bleek snoetje en ze geniet duidelijk niet van haar traktatie.

Dan valt er een schaduw over de tegelvloer. Voor de deur staat de gebogen gestalte van Ben. Hij neemt het tafereel in zich op en schudt zijn hoofd. ‘Kom maar mee naar moeders. Ze heeft de koffie klaar en heeft ook appeltaart gebakken. Dan kunnen jullie even lekker bijkomen.’ Eigenlijk heeft Lydia geen zin maar toch is ze nieuwsgierig naar ‘moeders’, dus stemt ze met enige tegenzin toe.

Als ze de weg willen oversteken klinkt er opeens een enorm geraas en een vrachtauto geladen met boomstammen dendert langs, de luchtstroom is kil en ruikt naar hars. Lydia schrikt. Ben kijkt de vrachtauto na en mompelt iets. ‘De idioten. Komen hier aangesjeesd en houden geen rekening met de helling en de bocht. Ze zijn op weg naar de papierfabriek, even verderop. Eigenlijk moeten ze over de rondweg, maar dit is korter. Er gaat nog eens een ongeluk gebeuren, wat ik je brom.’

Aan de andere kant van de weg loopt weer een grasveld omhoog. Als je even van de weg af bent lijkt het wel of hun eigen grasveld ononderbroken doorloopt, de tussenliggende weg is niet te zien. Boven aangekomen loopt Ben naar een van de twee aantrekkelijke witte villaatjes. Op het terras zit een broos uitziend vrouwtje met rimpelige handen en blozende appelwangen. ‘Sorry dat ik niet opsta’, zegt ze, wijzend op de plaid over haar knieën en de wielen aan weerskanten van haar stoel. ‘Het lopen wil niet meer zo, maar ik kan me hier gelukkig prima redden zo zonder trappen. Alleen kom ik niet verder meer dus ik ben blij dat jullie langs willen komen. Mijn naam is Sara.’ Ze steekt een bibberige hand uit die Lydia met beide handen grijpt. Dan geeft ze de oude vrouw spontaan een kus op de donzige wangen. ‘Ik ben ook blij dat ik hier ben’,  zegt ze. ‘Wat is het hier licht en vrolijk! Bij ons is de zon al weer bijna achter de bomen verdwenen.’

Nadat ze alle vier een plekje rondom de tuintafel hebben gevonden, scharrelt Ben naar binnen om even later terug te komen met een dienblad vol kopjes, glazen limonade en een enorme appeltaart. ‘Ja, haar benen willen misschien niet meer maar moeders is nog steeds een tovenares in de keuken. Een echte keukenheks, dat is ze’, meldt Ben trots. Emma schrikt van het woord ‘heks’ en Lydia ziet dat Sara dat merkt.

Sara merkt trouwens veel. Dat blijkt wel gedurende de rest van het gesprek. Ze vraagt honderduit over hun uitstapje naar het bos en de poelen en maakt zich duidelijk zorgen over de val van Robin. Na een tijdje nemen ze afscheid, met de belofte om gauw weer langs te komen. Lydia en Peter hebben nog veel te doen maar Peter komt er niet onderuit te beloven dat hij ’s avonds weer een biertje komt drinken. Op de terugweg probeert Lydia er iets van te zeggen, maar Peter wuift haar bezwaren weg: ‘je ziet toch, dat ze niemand hebben. Het wordt wel anders als we hier wat langer wonen en als ik weer aan het werk ben.’

*

’s Middags dendert er weer een vrachtwagen voorbij terwijl de kinderen op het grasveld voor het huis spelen. Lydia smeekt Peter om snel een hek neer te zetten, maar hij ziet de noodzaak niet: ze zijn heus wel voorzichtig.

Die avond komt Spooky niet thuis om te eten. Als Lydia er goed over nadenkt heeft ze hem eigenlijk de hele dag nog niet gezien.
Na het eten staat Ben weer voor de deur en wil Peter spreken. Lydia haalt geïrriteerd haar schouders op en gaat naar boven om de kinderen in bed te stoppen. Als ze weer beneden komt krijgt ze het slechte nieuws: Ben heeft Spooky gevonden, hij lag langs de weg en is waarschijnlijk doodgereden. Peter en Ben begraven de zwarte kat onder een boom aan de rand van het bos. Daarna gaat Peter weer even met Ben mee, biertje drinken om ‘het stof uit hun keel te spoelen’.

*

Die nacht heeft Emma opnieuw een nachtmerrie en droomt Lydia van een groepje vrouwen dat onder aanvoering van Sara bij elkaar komt in het bos, bij de poelen. Als ze merken dat Lydia er is klinkt hun stem als één stem: ‘je moet hier weg, net als zij die hier voor jou woonde! Anders moet je het offer brengen en de dans dansen.’

26-dec-dansendeboom02

Er staan kronkelige bomen rondom de poelen tot dicht bij de rand en de vrouwen, allemaal oud en breekbaar, dansen. Hun stemmen klinken ijl: ‘Ik had een zoontje. Ik had een tweelingbroer. Ik een man. Bij mij was het mijn ongeboren kind. Jij hebt ook een zoontje….
Badend in het zweet wordt Lydia wakker. Ze droeg een zwarte jurk en een groene omslagdoek die ze niet kende.

*

Weken gaan voorbij, er gebeurt niets bijzonders. De school is al lang begonnen en Lydia brengt de kinderen elke dag met de auto. Ze durft niet te fietsen op de steile weg, ze is bang voor de vrachtauto’s. Peter gaat op de fiets naar zijn werk.

Het wordt november, een gure tijd met veel regen en wind. De kinderen willen sintmaarten vieren en met hun uitgeholde pompoen liedjes zingen voor de overburen die inmiddels een soort surrogaatopa en –oma zijn geworden; ze komen er bijna dagelijks over de vloer. Als ze weer terug lopen laat Robin zijn zak snoep vallen midden op de weg. Lydia trekt hem mee naar de overkant maar Robin rukt zich los en rent terug. Op dat moment schijnen de koplampen van een late vrachtwagen oogverblindend door de tunnel van bomen.

Een klap. Gierende banden. Dan stilte.

*

Lydia danst.

De afgelopen dagen zijn in een mist voorbij gegaan. De politie, de zwaailichten, de spijtbetuigingen van de chauffeur. De begrafenis, het kleine witte kistje vol bloemen en daartussen Knijn.

Een hartverscheurend huilende Emma. En Peter die in haar ogen de schuld van alles is. Omdat hij zonodig dit huis moest kopen. Om zijn voortdurende bezoekjes aan Ben en Sara. Als hij dat niet had gedaan was er niets gebeurd. Lydia kon hem niet meer om zich heen verdragen dus is hij samen met Emma naar zijn ouders vertrokken. Een huisje aan zee. Geen boom te bekennen. Geen harslucht.

En nu danst Lydia de dans. Ze heeft een zwarte jurk gekocht voor de begrafenis. Van Sara kreeg ze een groene gehaakte stola, zomaar, een paar dagen voor die fatale sintmaartensdag heel lang – een leven lang – geleden.

Ze moet dansen om de Groene Man tevreden te stellen. Te lang al moest hij het zonder offer doen. Nu sluimert hij weer, onder het ondoorschijnende oppervlak van de Heksendans.

26-dec-Heksendans06

 

8 comments

Skip to comment form

  1. het is een mooi verhaal geworden, lijkt wel van heel vroeger toen de natuur nog als vijand werd gezien.

      • Ivy on 6 november 2011 at 18:07
        Author
      • Reply

      Antoinette: dank je! Is je voorspelling wat betreft de afloop een beetje uitgekomen?

      Nou ….. vroeger? Ik denk dat de natuurkrachten nog steeds onder ons zijn en dat sommige ongelukken misschien geen ongeluk zijn?
      In elk geval, daar gaat dit verhaal over ;-)

  2. Ivy, ja het verhaal is gelopen zoals ik gedacht had.
    Wat mij betreft zijn er geen kwaadaardige natuurkrachten, zeker niet op deze manier.
    Je kunt een aardbeving een natuurkracht noemen, maar die komen, onverschillig, niet om de mens te straffen, maar omdat de aarde op die manier leeft. Mensen zouden willen dat ze alles naar hun hand kunnen zetten, maar zo is het niet.

      • Ivy on 6 november 2011 at 21:28
        Author
      • Reply

      Antoinette: ik geloof wel in de oergoden, de natuurkrachten. Misschien niet in de vorm van straffen maar we zijn hier wel te gast, op Moeder Aarde. En voor ons waren er vele anderen en na ons komen ongetwijfeld nog velen…..

    • Appelvrouw on 7 november 2011 at 15:37
    • Reply

    Ivy,
    Een prachtige bomenfoto.
    En dat dansende meisje op klompen met die prachtige aura (die me toch zo bekend voorkomt), maakt me stil.

      • Ivy on 7 november 2011 at 21:00
        Author
      • Reply

      Appelvrouw: die klompen zijn echt heel erg…
      De foto was bedoeld voor een serie over alpacawerkjes.

      Maar het aura is mooi en heel apart en past goed bij het verhaal.

      Die dansende bomen staan er echt, heel bijzonder. Dat beeld was ook de basis voor dit verhaal.

    • joosttiboschsr on 7 november 2011 at 18:03
    • Reply

    Echte goden willen al lang geen kinderoffers meer (het joodse en islamverhaal over Abram en JItzaak of Ismael) en op de duur ook geen dierenoffers. Toch sterven kinderen en dieren..door stomme mensen met vrachtauto’s! Echte goden willen dat kinderen pannenkoeken eten!

      • Ivy on 7 november 2011 at 21:03
        Author
      • Reply

      Er zijn ook krachten die geen goden zijn en wel offers vragen. Ik ben er ook niet blij mee ….

      Er is een wereld tussen chaos en kosmos.

      Tuurlijk moeten kinderen pannenkoeken eten!

Geef een reactie

Your email address will not be published.